Ik ben Els (68) en ik ben dol op mijn kleinkinderen, echt waar. Toen ik hoorde dat ik oma zou worden, maakte mijn hart een sprongetje. Inmiddels heb ik drie prachtige kleinkinderen van mijn dochter en een schattig kleintje van mijn zoon. Mijn vreugde is compleet. Maar tegelijkertijd koester ik ook mijn vrijheid, en de keuze om niet als vaste oppasoma te dienen.
Mijn eigen leven, mijn eigen ritme
Toen ik met pensioen ging, had ik allerlei plannen. Eindelijk tijd voor mezelf, zonder verplichtingen en zonder de wekker die me elke ochtend uit mijn slaap haalde. Ik keek ernaar uit om mijn dagen in te vullen zoals ik dat wilde. Gezellig met vriendinnen bridgen, een rondje golfen, of gewoon spontaan naar het dorp gaan voor een kop koffie en een praatje. Daarnaast is mijn moestuin mijn grote passie. Ik geniet ervan om met mijn handen in de aarde te wroeten, mijn eigen groenten te kweken en bezig te zijn met duurzaamheid.
En hoewel ik zielsveel van mijn kleinkinderen houd, mis ik het enthousiasme voor de dagelijkse zorg voor jonge kinderen. Luiers verschonen, constant alert zijn en eindeloze nachten van onderbroken slaap? Nee, dat heb ik als moeder al gedaan. Dat was een prachtige, maar ook pittige tijd. Nu ik ouder ben, merk ik dat ik niet meer de energie heb om me daar weer volledig in onder te dompelen.
Geen vaste oppasoma
Vanaf het begin heb ik mijn standpunt duidelijk gemaakt aan mijn kinderen. “Ik pas graag af en toe op, maar een vaste oppasrol past niet bij mij.” Ik wil helpen waar ik kan, maar niet structureel. Een vaste dag in de week oppassen? Dat voelt voor mij als een verplichting, en daar zit ik niet op te wachten.
Ik weet dat het tegenwoordig voor veel jonge ouders een uitdaging is om alles te combineren. Werk, huishouden en de zorg voor kleine kinderen zijn een hele opgave. Maar ik ben geen oppas, ik ben een oma. Mijn rol is anders. Ik wil leuke dingen doen met mijn kleinkinderen, maar ik wil niet opnieuw de verantwoordelijkheid dragen zoals ik dat vroeger voor mijn eigen kinderen deed.
Begrijp me niet verkeerd, ik vind het heerlijk om tijd met ze door te brengen. Samen koekjes bakken, een spelletje doen, een stukje wandelen en genieten van hun vrolijke geklets. Maar dan het liefst met hun ouders erbij, zodat ik gewoon lekker oma kan zijn, zonder de volledige zorg op me te nemen.
Balans tussen liefde en grenzen
Ik merk dat mijn dochter het soms lastig vindt. Ze zoekt steun en zou het fijn vinden als ik wat vaker inspring. En hoewel ik haar begrijp en haar situatie niet onderschat, moet ik ook trouw blijven aan mezelf. Als ik over mijn grenzen ga, wordt het geen plezier meer, maar een verplichting. En dat is niet hoe ik mijn rol als oma voor me zie.
Soms voel ik me daar weleens schuldig over. Als mijn dochter me belt en vraagt of ik kan oppassen, voel ik de twijfel opkomen. Maar ik heb geleerd om eerlijk te blijven. Liever een oma die af en toe nee zegt en met volle energie van de kleinkinderen geniet, dan een uitgeputte oma die zich verplicht voelt om te helpen.
Liefde in een eigen vorm
Mijn kinderen en ik respecteren elkaars keuzes. Ze weten dat ik niet de oppasoma ben die ze misschien hadden gehoopt, maar ze weten ook dat mijn liefde voor mijn kleinkinderen onvoorwaardelijk is. Elke keer als ze langskomen, zorg ik ervoor dat ik er echt ben. Ik luister naar hun verhalen, knuffel ze, en we doen samen leuke dingen.
Elk gezin vindt uiteindelijk zijn eigen weg, en dit is de onze. Ik voel me comfortabel met deze keuze en ben dankbaar dat we een liefdevolle en begripvolle band hebben opgebouwd. En als ik dan die kleine armpjes om me heen voel en een dikke knuffel krijg, weet ik dat ik precies de oma ben die ik wil zijn. ❤️